element-dots Created with Sketch.
element-squares Created with Sketch.
element-wiggles Created with Sketch.

Zes was ze, toen het begon. Eva Vroman (17) werd acht jaar aan één stuk door gepest op school. “Ze gingen rond met een petitie: ‘Pleeg zelfmoord, Eva, iedereen haat u.’” De opgekropte stress zocht een lichamelijke uitweg: ze viel tot twintig keer per dag flauw. Maar nog kreeg ze aan haar ouders niet verteld wat er scheelde.

Nu wel. Nu kan ze het allemaal haarfijn uitleggen. Verbluffend. Hoe Eva haar hele, heftige verhaal zit te analyseren, in de woonkamer thuis, ergens tussen Brugge en Gent. Rustig pratend. Een mooie, open blik en glans op haar kastanjebruine haar én wangen. Op haar donkerblauwe hoodie, discreet, een klein rood opschrift: ‘Happy Inside & Out’. Heeft ze niet per toeval aan. Het komt uit de CKS-collectie van Rode Neuzen Dag. 

Maar: “De diepste wonden zijn degene die je niet ziet”, zegt ze. En dat ze van ver komt. Haar mama, Els, die meeluistert op de achtergrond, knikt - niet voor het laatst tijdens ons gesprek. Zij gaf haar parttimejob op om bij haar dochter te zijn, sinds duidelijk werd dat zij echt niet meer kón. En dat is nog maar sinds relatief kort. Er is een oudere broer, Lars, en er is papa. Hun optelsom is hecht. Eva is niet liever dan thuis, of samen op weekend in hun appartement aan zee. In de warmte van een liefdevol gezin. Maar op zondagavonden lag ze vaak in stilte te wenen in haar bed. Dat ze echt niet weer naar school wilde. Niet terug naar die hel.

Slaan, knijpen

“In de lagere school al werd ik uitgesloten. Uitgelachen. ‘Je bent dom, lelijk, dik.’ ‘Kijk niet in de spiegel, of hij breekt in duizend stukken.’ Het was nog matig pesten, maar het bleef wel duren. Ze gooiden mijn muts in de vuilnisbak. Dat soort dingen. Ik had geen vrienden, stond altijd alleen en voelde me verschrikkelijk.”

In de middenschool werd het nog veel erger. “Drie pesters stookten de hele klas op. Het derde meisje was ooit een soort van vriendin geweest. Niet dus. Zij ‘mocht’ pas vriendin worden met de andere twee als ook zij mij te grazen nam.” En dat deden ze. “Ze verstopten keer op keer mijn kleren bij turnen. Ik heb tot op vandaag een hekel aan kleedkamers. Ze verstopten mijn cursussen. Er was chantage opdat ik hun huiswerk zou maken. Ik, de ‘vuile nerd’ die toch de beste punten haalde. En ze gingen rond met een petitie: ‘Pleeg zelfmoord, Eva, iedereen haat u.’”

“Er gebeurden nog extreme zaken, die ik nog steeds liever niet vertel. Genoeg om mee naar de politie te stappen. Maar dat durfde ik niet. De vertrouwensleerkracht luisterde, maar zei ook: ‘Je moet toch wat tegen plagen kunnen.’ Als er dan eens gepraat werd, leek het een kruisverhoor: drie tegen één. De directrice zei ronduit: ‘Op onze school wórdt er niet gepest.’”

“We wonen niet ver van een station. Ik héb ooit op het perron gestaan, een half uur lang: spring ik of niet? Tot ik stomweg dacht: het is vanavond volleybaltraining. En ik heb me omgedraaid. Gelukkig. Ik heb nog vaak donkere gedachten gehad. Maar blij dat ik nooit een poging heb ondernomen.”

“Ik probeerde me onzichtbaar te maken. Had een mooie gele jas, maar mama moest met mij een zwarte gaan kopen om minder op te vallen. Op de bus naar school krabde een pester me de hand open met een fietssleutel. ‘O, gevallen bij het turnen’, loog ik, maar een meisje van volley geloofde er niks van en haar mama belde de mijne erover. Ik heb dan een klein beetje verteld, maar zei er snel bij: ‘Dit was eenmalig!’ Ik vreesde erger als mama zou tussenkomen. Mama’s briefje voor de directie gaf ik nooit af. Ik wou dit zélf aanpakken, maar deed dat totaal verkeerd. Ik sloeg of kneep de pesters, uit pure frustratie. Zij toonden dan hun blauwe plekken aan de directie en ik kreeg de straf. Mama moest naar school komen, ook zij was kwaad op me. Zo had ze me toch niet opgevoed?”

De suikertruc

Thuis zette Eva nog altijd de grote smile op. Maar ze moest zich oppeppen. “Op de terugweg van school ging ik telkens snoep en koeken kopen. Ik propte me vol suiker, dan ging het weer even.”

Els: “Ik vond het al raar, zag mijn dochter volumineuzer worden. Toen vond ik de pakken snoepgoed achter in de speelgoedkast. Ik dacht aan een eetstoornis. Maar weer klapte ze dicht.”

Eva: “Het hele pestverhaal heb ik zo lang verzwegen omdat ik mijn ouders niet wilde teleurstellen. Ik dacht dat ze kwaad zouden zijn, omdat ik er duidelijk niet in slaagde me te verweren. En ik dus geen flinke dochter was. Ik wilde hen ook geen pijn doen door mijn pijn toe te geven.”

Els: “Ik schrok zó hard toen ik op Eva’s gsm haar berichtjes las aan het meisje van volleybal dat ze stilaan wél in vertrouwen nam. Ik ben haar prompt wakker gaan schudden.”

Eva: “Maar boos was mama helemaal niet.”

Els: “Tuurlijk niet! Bezorgd, héél bezorgd. Dat wel.”

Moe, moe, moe

Eva: “Van één van de pesters heb ik, na het laatste juni-examen, een sms gekregen. ‘Sorry, dit moet verschrikkelijk zijn geweest voor jou.’ Tja, het was wat laat.”

Eva ging naar weer een nieuwe school vanaf het derde middelbaar. Ze vertelde er - zonder uit te wijden - over haar pestverleden. De leerkrachten vingen haar ongelofelijk op. Toch is het daar, in die fijne school, nadat een jongen haar verbaal nogal brutaal had aangepakt, dat ze in het voorjaar 2018 plots is beginnen flauw te vallen. En dat tot twintig keer per dag.

Mama Els: “We zijn als een gek een resem onderzoeken gestart, tot in Leuven toe. Men dacht aan een hartprobleem. Dat was het niet. Ook neurologisch was er niets te vinden. Het was de stress, duidelijk, zei één psychiater toen. De aanvaring met die jongen had dit getriggerd. Het hele oude verhaal kwam weer boven.”

Eva: “Ik ben me dan beginnen te snijden en verbranden, door heel lang met een gom over mijn armen te wrijven. Ik wilde vanbuiten pijn voelen, om me af te leiden van die vanbinnen. Ik heb té lang onder die grote emotionele druk geleefd. En altijd alles opgekropt. Elke vorm van grote stress kan nu uitlokken dat ik flauwval. Mijn lichaam slaat dan telkens even tilt. Raar hoor, ik glij weg en hup, ik val. Ik heb op school maanden op een zitzak gezeten, want ik viel ook regelmatig van mijn stoel.”

Eva is vorig jaar vier maanden niet naar school kunnen gaan door het flauwvallen. “En ik was moe, moe, moe. Ik deed niets anders dan slapen.” Ze kreeg thuisonderwijs. De aanvallen verminderden, maar kwamen terug toen ze examens moest maken. Maar ze slaagde, ondanks alles. Dat ze trots mag zijn, zeg ik. “Ja, toch? Ik kán iets positiefs zeggen over mezelf, nu: ik ben een doorzetter.”

Els: “Er was een wachtlijst van zes maanden in de jeugdpsychiatrie. We hebben dan EMDR-therapie gevonden voor Eva. Die speelt in op de snelle oogbewegingen, die we ook hebben in onze REM- slaap, en doet haar de verdrongen, onverwerkte pestervaringen herbeleven om ze vervolgens achter zich te kunnen laten. Ze krijgt ook energetische massage. En het werkt. Het is nu vier weken geleden dat ze nog flauwviel.”

Maar het traject is niet ten einde. Eva: “In het begin word je ‘gewoon’ boos als men je pest. Maar als je zo vaak wordt gezegd, aan één stuk door, dat je niks waard bent, ga je dat helaas ook geloven.”

Dank u, Niels

Vorig jaar zag Eva op tv de finale van Rode Neuzen Dag. “Ik dacht: als het anderen helpt om te praten, moet ik dat misschien toch ook eens proberen? Ik ben beginnen te wandelen met de hond van mijn tante, heb eerst een nichtje in vertrouwen genomen, dan mijn broer, en dan - eindelijk - mijn ouders. Ik vond het vreselijk. Maar een tweede gesprek gaat al beter. Nu weet ik: weerbaar zijn betekent niet dat je alles zélf moet kunnen oplossen. Je mag hulp vragen. Ik vertel nu zelfs mijn eigen verhaal. Want Rode Neuzen Dag gaat dit jaar over betere ondersteuning van scholen. En ik weet hoe hard dát nodig is.”

Eva volgt nu haar laatste jaar jeugd- en gehandicaptenzorg. “Volgend jaar wil ik voortstuderen voor kleuterleidster. Kleuters zijn eerlijk. En nooit gemeen. Ik wil niks liever dan voor hen meebouwen aan een veilige schoolomgeving.” Ze vertelt nog hoe een superfijn sportkamp deze zomer haar een boost gaf. “Er werd zelfs gewedijverd: ‘Ik wil in team Eva!’ Nooit meegemaakt.”

Na het volleyballen was ze begonnen met voetbal, maar dat mag ze niet meer spelen - door het flauwvallen. Dus kochten haar ouders een driejarige merrie voor hun dochter. Straks gaat ze naar Princess. Eva: “Mijn paard is lief. In de wei komt ze direct op me af. Ze oordeelt niet. Ze luistert, laat zich doen - net als ik vroeger. (lachje) En ik? Ik moét wel mijn rug rechten. Fier in het zadel zitten en tonen dat ik de teugels in handen heb. Ook dat doet me deugd.”

Eva wuift ons uit. Een dag later stuurt ze een mailtje na. “Nog dit vergeten: toen ik het moeilijk had, luisterde ik vaak naar Niels Destadsbader. Ik vond troost in zijn liedjes.” Paarden en popidolen. Of hoe tienermeisjes altijd tienermeisjes blijven. Gelukkig.

Wie met vragen zit over zelfdoding, kan terecht bij de Zelfmoordlijn op het gratis nummer 1813 en op de site www.zelfmoord1813.be.

Bron: HLN.be